|
Vismigratie
Trekvissen die in de Nederlandse wateren voorkomen zijn zeer
beperkt in hun trek.
In het verleden stroomde het water vanuit het gebied op natuurlijke wijze naar
zee, vissen konden dus ongehinderd vanuit zee, rivieren en
meren naar het ondiepe water op trekken door stroomopwaarts te zwemmen naar
ondiep water om te paaien of op te groeien (glasaal).
Sinds de mens begon met het inpolderen van gebieden en het water kunstmatig
vanuit deze polders omhoog ging pompen, kwamen vissen die
stroomopwaarts zwemmen naar ondiep water, deze pompen op hun weg tegen die niet
passeerbaar zijn
Dus met elke inpoldering raakte er een stuk paaigebied afgesloten van de rest
van het stroomgebied.
Heden is daardoor een enorm gebied, wat uitermate geschikt is voor het afzetten
van eieren en voor jonge vis om in op te groeien, afgesloten
van het stroomgebied.
Je vindt in de periode van trek bij deze pompgemalen dan ook grote aantallen
vissen die te vergeefs proberen deze barrière te passeren.
Vissen die in de ingepolderde gebieden leven en in het najaar naar dieper water
trekken kunnen door deze pompen beschadigen of zelf gedood worden.
Er zijn dus typen pompen die wel vis vriendelijk zijn.
Beroepsvisser Gerard Manshanden heeft een pomp ontwikkeld die
vissen de kans biedt veilig vanuit de polder naar dieper water te trekken
Dit loste de helft van het probleem op
De installatie was namelijk in de richting van de polder niet passeerbaar
(stroom opwaartse trek)*
*Ik heb een oplossing bedacht zodat vissen bij dit type gemaal *ook*
naar de polder kunnen trekken zodat deze weer bereikbaar wordt als paaigebied.
Hier onder zie je een animatie hoe deze oplossing werkt
Tweezijdig passeerbare gemaalvispassage
De gemaalvispassage biedt vissen een veilige
verbinding in de stroomafwaartse richting. Door de gemaalvispassage van een
terugslagklep en een uitstroombak te voorzien kan een gemaal eveneens
passeerbaar gemaakt worden voor stroomopwaartse migrerende vissen die op de
lokstroom van het gemaal afkomen.
Een gemaalvispassage wordt gekenmerkt door een venturi-pomp die het mogelijk
maakt om een waterbeweging op gang te brengen in twee omloopkanalen. Bij een
tweezijdig passeerbare gemaalvispassage stroomt het water via een uitstroombak
naar de boezem. Zodra de pomp wordt uitgezet sluiten twee terugslagkleppen, één
klep sluit de verbinding tussen uitstroombak en de boezem, terwijl de tweede
klep de verbinding tussen de venturi en de gemaalpomp sluit. Het water dat zich
in de uitstroombak en de omloopkanalen bevindt stroomt vervolgens terug tot op
polderniveau.
Voor stroomopwaarts migrerende vissen vormt een water dat door een gemaal wordt
uitgemalen een lokstroom. Tijdens het pompen van het gemaal is de
gemaalvispassage niet stroomopwaarts passeerbaar vanwege de hoge stroomsnelheid
in de venturi. De vissen die door de lokstroom worden aangetrokken zullen zich
daarom verzamelen in de uitstroombak. Zodra de gemaalpomp stopt met pompen sluit
de terugslagklep achter de vissen, waarna deze door het terugstromende water via
de omloopkanalen naar de polder worden gebracht.
Je kan met je muis over de animatie bewegen voor uitleg

Meer info Over deze vindingen vind je op de site : http://www.fishflowinnovations.nl
Deze oplossing kan ook worden toegepast in combinatie met een Vis vriendelijke
vijzel (ook een vinding van manshanden) en een retour leiding die de vissen
langs de vijzel terug de polder in laat lopen als deze uit bedrijf gaat.
Vissen vinden ook ander barrières op hun weg in gebieden waar het water wordt
vast gehouden door stuwen waar door te grote verschillen ontstaan
ook daar zijn oplossingen voor te vinden op boven genoemde site.
|